headerbanner

©Google MapsDe compacte binnenstad van Goes leent zich goed voor een korte wandeling die langs de mooiste monumenten voert. De afstand bedraagt amper 3 kilometer.

Start en eindpunt vormt het NS-station. Vanaf dat punt voorzichtig oversteken naar de westzijde van de Frans den Hollanderlaan. Aan het einde daarvan in noordoostelijke richting de Dam inlopen en aan het einde daarvan linksaf de Kreukelmarkt op.

Het poortje bij Kreukelmarkt 9 draagt de naam Amanda Pallas Exitu (zij die oefenen worden bemind door Pallas). Het is een verwijzing naar Pallas Athena, onder meer de godin van de wijsheid. Het poortje gaf toegang tot de Latijnse School die hier functioneerde van 1592 tot circa 1630.

Aan het einde daarvan rechtdoor de Singelstraat in die tot het hart van het centrum voert.

1) Grote of Maria Magdalenakerk

De bouw van dit godshuis vangt aan in de 14e eeuw. Het koor wordt gewijd in 1415. Acht jaar later volgen het schip en de toren. In 1455 klinkt het startsein voor het de uitbouw van het bedehuis tot een driebeukige hallenkerk, naar het voorbeeld van de Sint Jan in Gouda. Na de Reformatie valt de kerk in het derde kwart van de 16e eeuw toe aan de protestanten. Door onvoorzichtigheid van een dakdekker ontstaat op 11 september 1618 ’s middags om 1 uur brand. Het dak wordt een prooi der vlammen en de toren stort in. In 1621 is de kerk hersteld, maar de toren keert niet meer terug. Wel is toen de vieringtoren aangebracht, compleet met een carillon.

Binnen trekt vooral het in 1643 door Willem Diaken gebouwde orgel de aandacht. Dat komt door de in 1739 aangebrachte overhuiving, in de volksmond ‘Turkse hoed’ of ‘Turkse kap’ geheten. In de kerk ligt Frans Naerebout begraven. Hij maakte in de 18e eeuw in Vlissingen naam door het redden van schipbreukelingen. Op zijn graf staat: ,,Hier rust De beroemde zeeman en edele menschenvriend Frans Naerebout geboren te Vere des 30 Augustus 1748, gestorven aan het Sas van Goes den 29 Augustus 1818. De leden van het Goessche Departement der Maatschappij tot Nut van ’t Algemeen ter zijner eere.” Klik hier voor meer informatie. 

Alvorens rechtsaf te slaan voert de route rechtdoor langs het museum op Singelstraat 11 en het voormalige Manhuis op nummer 13.

2) Historisch Museum De Bevelanden.

De instelling biedt permanente exposities over de schutterij, bedijkingen en overstromingen, merklappen, de Bevelandse klederdrachten, het weeshuis, de stad Goes en bekende mensen uit de regio. Daarnaast is er plaats voor wisselexposities. Klik hier voor website. 

3) Manhuis en –tuin.

De fraaie poort van dit pand is uitgerust met de beeldjes van een vrouw en een man en de tekst: “Tot hulp en troost van man en vrouw - Is opgherecht dit nieu gebouw - In ruste ider hier syn tyt - En teynde van syn leve slyt”. Het complex diende voor rijke ouderen die hier tegen betaling een goede verzorging kregen. Het loont de moeite de tuin in te lopen. Daar staat een kastanjeboom die al prijkt op een foto uit 1910. De tuin vormt regelmatig het decor voor concerten. Klik hier voor website. 

Na het verlaten van de tuin rechtsaf slaan en vervolgens linksaf. Aan de linkerkant passeert u de rooms katholieke kerk en de resten van Slot Oostende.

Slot Oostende4) Heilige Maria Magdalenakerk.

Uitvoering koren op Kertsmis Na de Reformatie ging de oude kerk over in protestantse handen en mochten de rooms-katholieken alleen in het geheim godsdienstoefeningen houden. Dat gebeurde vanaf 1633 in een huis aan de Singelstraat. In dat pand is in 1694 een zolderkerk ingericht. Nadat de katholieken in 1795 de nu niet meer bestaande Gasthuiskerk kregen toegewezen, bouwden ze in 1815 een godshuis tegenover hun vroegere kerk. Die is in 1905 gesloopt wegens bouwvalligheid en in 1906 vervangen door de huidige in rode baksteen gebouwde neogotische kerk. Het orgel is in 1954 gebouwd voor de Sint Anthoniuskerk in Roosendaal onder advies van Flor Peeters, indertijd een befaamde Belgische organist. Het instrument verhuisde in 1974 naar Goes. Klik hier voor de website van de parochie. 

5) Slot Oostende

Brouwerij-restaurant Slot Oostende is gebouwd op de resten van het gelijknamige kasteel. Dat bood vanaf de 13e eeuw onderdak aan de Heren van Borssele, die toen de baas waren in Goes. Het kasteel kende tijdens en na de Reformatie katholieke eigenaren die geloofsgenoten onderdak boden, wanneer die gevaar liepen. Vanaf de 19e eeuw diende het slot onder meer als restaurant en tabaksfabriek. Tenslotte bleef er amper iets van over van het oorspronkelijke gebouw. Het bewaard gebleven deel van de kelder behoort tot het restaurantgedeelte. Rond het slot hangen mythische verhalen. Zo zou Jacoba van Beieren er hebben gewoond, wat uiterst twijfelachtig is. De ongelukkige gravin van Zeeland zou er ook een moerbeiboom hebben geplant en er zou een onderaardse gang voor haar zijn gegraven, zodat zij bij gevaar de wijk zou kunnen nemen. Dat laatste is zeker onjuist. De bewuste boom sneuvelde bij de strenge winter van 1929 en kan dus geen deel meer uitmaken van nader wetenschappelijk onderzoek. Klik hier voor rondleidingen. 

Blijf de Singelstraat volgen en loop zo vanzelf de Korte Kerkstraat in welke voert naar de Groote Markt. Loop deze na het stadhuis te hebben aanschouwd af in noordwestelijke richting (met de rug naar het stadhuis gekeerd).

Wintersfeer op de Groote Markt6) Stadhuis en Grote Markt

De in 1410 verrezen vleeshal groeide door aanbouwen uit tot stadhuis. Tussen 1775 en 1779 kwamen de raad- en de trouwzaal tot stand, waardoor het stadhuis zijn huidige gedaante kreeg. De raadzaal bevat een fraaie rococo-betimmering. In de lantaarn hangt een carillon met 10 klokken van A. J. van den Gheyn uit 1766 en 1 exemplaar van de firma Van Bergen uit 1948. Jan van de Brant vervaardigde rond 1550 het automatische trommelspeelwerk. Op dinsdag wordt de bebouwing op het plein grotendeels aan het zicht onttrokken door de kramen van de weekmarkt, die hier al sinds de Middeleeuwen wordt gehouden. Aan de noordelijke en oostelijke kant liggen terrassen. Behalve het stadhuis is de bebouwing weinig spectaculair. Vermeldenswaard is het uit 1753 daterende herenhuis De Korenbeurs op nummer 17.

Blijf op de Grote Markt aan de linkerkant lopen en ga rechtdoor de Opril Groote Markt in. Sla aan het eind rechtsaf naar de Grote Kade. Ga na circa 200 meter linksaf de brug op en sla daarna rechtsaf de J. Antonides van der Goeskade op. Volg deze tot nr. 69 en keer dan weer om en loop vervolgens rechtdoor in zuidwestelijke richting de Kleine Kade op. Aan het eind linksaf slaan naar de Turfkade.

Gezicht op Kleine Kade en Turfmarkt vanaf Grote Kade7) Kades en haven

Voormalige apotheek Grote KadeDe haven en de omliggende kades vormen het fotogeniekste deel van het stadshart. De gevelrijen aan de Grote Kade bestaan uit monumentale woonhuizen, vooral uit de 18e en 19e eeuw. Het Narrenschip op nummer 28 is in aanleg 16e eeuws. Hetzelfde geldt voor De Baerse op nr. 44. De gaper boven de ingang verwijst naar de vroegere bestemming van apotheek, maar het pand huisvest nu een vintagewinkel.

Eenmaal over de Sint Maartensbrug wacht op de J. Antonides van der Goeskade nr. 69 de 17e eeuwse voormalige brugwachterswoning De Hoope. Aan de overkant op de Albert Joachimikade 3 vraagt de uit circa 1870 daterende Voormalig brugwachtershuisvoormalige strafgevangenis de aandacht. Het pand diende ook als kantongerecht. Het witgepleisterde huis op nummer 5 is de voormalige Rijks HBS.

Net als op de Grote Kade stammen ook op de Kleine Kade de meeste woningen uit de 18e en 19e eeuw. Zeer bijzonder is ’t Soepuus op nummer 43. Het torentje met slagklokje en het uurwerk sierden eerder de in 1855 gesloopte Oostpoort. Het diende in de 19e eeuw als gaarkeuken, waar vooral soep werd verstrekt aan de armen. ’t Soepuus diende na de bouw in 1554 als getijmolen. De haven was via een doorgang onder het pand verbonden met het molenwater daarachter. Wanneer dit water bij vloed vol Voormalige HBS en strafgevangeniswas gelopen, sloot men in de molen de sluisdeurtjes. Daarna liep het water bij eb langzaam terug de haven in. Daarbij werd een rad in werking gebracht, zodat koren kon worden gemalen. De getijmolens waren geliefd vanwege de grote betrouwbaarheid. De mulder was immers niet afhankelijk van de wind, maar profiteerde van de eeuwige werking van het getij.

Aan de Turfkade, de kopzijde van de haven, is het woonhuis Karel V op nummer 11 van belang. Het verrees in 1533 en werd een prooi der vlammen bij de brand die in 1554 bijna de hele stad verwoestte. Het pand is al in 1555 herbouwd en de kelder dateert nog van het eerste. Karel V behoort daarmee tot de oudste panden van Goes.

Turfkade met pand Karel V (hoogste huis in het rijtje) Loop vanaf de Turfkade rechtdoor de Keizerstraat in en sla aan het eind daarvan rechtsaf de Opril Beestenmarkt in om vervolgens rechtdoor lopend uit te komen op de Beestenmarkt. Loop die over naar de poort Brouwersgang onder Beestenmarkt nummer 1.

't Beest8) Beestenmarkt

Midden op het voormalige veemarktplein staat sinds 1774 een kolossale waterpomp. In het pand op nummer 3, dat onderdak biedt aan cultureel Podium ’t Beest, huisde van 1630-1788 de Latijnse school, die ooit begon aan de Kreukelmarkt uit het begin van de route.

Na de Brouwersgang uitgelopen te hebben slaat u linksaf naar de Westwal. Het grootste deel van de wandeling zit er op. U blijft de Westwal volgen tot het einde en vervolgt de route via de rotonde rechtdoor naar de Piet Heinstraat. Aan het eind linksaf slaan naar het station. Onderweg komt u langs twee bijzondere bedehuizen.

9) Doopgsezinde kerk en Westerkerk

Doopsgezinde kerkDe in 1930 gebouwde Doopsgezinde Kerk aan de Westwal is geen monumentaal gebouw, maar valt op omdat het zo onopvallend is. De kerkgemeente meldt daarover op haar website: ,,Vaak hebben we al de opmerking gehoord: 'Ik woon al lang in Goes en wist niet dat hier een kerk stond.' Dus: op Open Monumentendag de vlag weer uit en de deur open!”

Ondanks de kleine schaal is het een volwaardige kerk, compleet met een tweeklaviers huispijporgel.

WesterkerkDe in 1929 voltooide Westerkerk aan Westwal 6 staat wel op de Rijksmonumentenlijst. Het beeldbepalende gebouw is voor de toenmalige plaatselijke Gereformeerde Kerk ontworpen door architect A. Rothuizen. Na onttrekking aan de eredienst zou het pand worden verbouwd tot appartementencomplex, maar dat liep anders af. De kerk behoort sinds 30 december 2009 aan Stichting Johannes Thielen. Oprichtster mevrouw Thielen-Smit stelde een deel van haar vermogen beschikbaar om de kerk te behouden. De stichting draagt de naam van haar kerkelijk zeer betrokken man Johannes Thielen, die in 2008 overleed. De stichting stelt zich ten doel het gebouw te bewaren in oorspronkelijke vorm en ‘het in brede zin ten dienste stellen aan de samenleving en daarbij een platform bieden voor ontmoeting tussen de Christelijke Gemeenschap van Goes en de maatschappij.’

Begeleide rondwandelingen

Vrijwilligers van Gilde De Bevelanden verzorgen rondleidingen door de stad en geven onderweg deskundig commentaar. Klik hier voor meer informatie. www.gildedebevelanden.nl/index.php?textID=14

Klik hier om een reactie te plaatsenWinterstemming Oostersingel