headerbanner

Het dialect van Nieuwland

Willem staat maakte voor het dorpsfeest van Nieuw- en Sint Joosland een overzicht van dialectwoorden van Nieuwland. Een aantal geboren en/of getogen Nieuwlanders werkte mee aan dit overzicht. Die dialectwoorden zijn niet allemaal typisch voor Nieuwland en omgeving. Er zijn ook woorden bij die in grote delen van Zeeland of zelfs in de hele provincie bekend zijn. Het is slechts bedoeld als hulpmiddel om de herinnering levend te houden aan de streektaal die rap in de vergetelheid raakt. Aanvullingen op de woordenlijst kunt u insturen via Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

september 2021

Woordenlijst van NIeuwland

Anjers - (sterk geurend) kernoffeltjes;
Begraafplaats – begraefplekke; ‘t kerrekhof;
Bietentijd – peetied;
Boekomslag - klaffersien;
Boomgaard - Bôôgerd;
Brood – brôôd;
Dijk – diek;

Dorpshuis – durp’s uus. Nadat het was vernieuwd kreeg het bij de door burgemeester Koos Schouwenaar op 4 september 2010 verrichte opening de naam Durps’uus op d’n hoek.

Dreef - dreve; 
Drinkput in de wei – koeiepit;
Eau de cologne – rukendig goed;
Graan – graen, hraen;
Gerst - heeste;
Graszode - vazze

Hark – rieve;
Haver – aever;
Haven – d’aevende, haeven;
Haven Arnezijkanaal - de kaoie;
Hoeve – ‘t ‘of;
Hoogte – óógte;
Insectjes (b.v. onweersbeestjes) - fernien;
Kanaal – kenaol;
Kalkoen – kallekoene;
Kerk – kèrreke;
Kier – harre;
Kinderen - guus;
Kind dat niet stil kan zitten – wantenwever;
Kip (jonge hen tegen de leg) – poelje;
Kippen - oenders;
Kippenhok -oenderkot;
Kluit – klute;
Leugenbank – klapbanke;
Medicijnen (vloeibare) – mêêstergoed;
Mestput – mispit;
Molen – meulen;
Moestuin - d’n of;
Molendijk (noordelijk deel) - De Vienke;
Muziek – meziek;
Muziektent - meziektente;

Nieuwlanders – purikken. Puut = kikker en Rik = rug. Deze scheldnaam verwijst naar de groen uitgeslagen jassen van het mannenkostuum. Een andere benaming is kluten. Deze verwijst naar het feit dat de meeste inwoners werkzaam waren in de landbouw.

Onkruid – vuulte;
Oprit - aprèl;
Oudedorp - ’t Ouwe durp;
Paardenmanen en -staarten vlechten voor de ringrijderij – slinteren;
Paardenstal – paerestal;
Paardentuig – paeretuug;
Parelhoen – poelepetaene (Frans: polue-pintade);
Plaats – plekke;
Ringrijden – rienkerieë;
Ruïneren – verinneweere;
Schoffel – ouwêêle;
Schuur- schuure;
Sloot – dulleve;
Spa – spae;
Stijfsel – stiesel;
Suikerbiet- sukerpee;
Tarwe –tèrve of tèrreve;

Toren – tôren; Bij de bouw van het huidige kerkgebouw in 1882/83 weigerde het gemeentebestuur om er een toren met uurwerk aan toe voegen, hoewel dat in die tijd een taak was van de overheid. De gemeenteraad besloot alsnog tot de bouw van een toren na een massaal volksprotest, iets waar Nieuwlanders tamelijk bedreven in zijn.

Ui – juun;
Vaart – Visserie (naam vaart in de Middelburgse Polder);
Varken – ’t fèrreke of keu;
Vereniging – vereenehienge;
Vergadering – verhaoderrienge;
Vergiet - stremien;
Voerderbiet – mangel:
Wagen - waegen;
Watergang – waeterhang;
Weegbrug – weegbrugge;
Wei –weie;
Winkel – wienkel’;
Winterkoninkje – duumpje

Witte kwikstaart – paerewachtertje of blauw lentertje. Paerewachtertje verwijst ernaar dat witte kwikstaarten graag bij paarden of koeien in de wei zitten in de hoop dat die met hun poten insecten of larven omhoog stampen. Gele kwikstaarten doen dat trouwens ook.

Leesplankjes

Het lager onderwijs gebruikte vroeger leesplankjes. Daarvan bestaan er ook in diverse talen, waaronder de Zeeuwse streektalen zoals dit voorbeeld.

Vraag: welke handige Truus of Harry maakt een Nieuwlands plankje?

 

 

 

 

 

 

 

Wapen van de voormalige gemeente Nieuw- en Sint Joosland zoals dat op 28 juni 1879 bij koninklijk besluit is bevestigd.

 

 

 

 Klik hier om een reactie op dit artikel te plaatsen