headerbanner

Sjaak Herman werd in oktober 1984 gediplomeerd als vrijwillig molenaar. Al 35 jaar brengt hij dus wieken in beweging en daar blijft het niet bij. Het hele jaar door maalt hij tarwemeel en bloem. Met zijn 81 jaar is Sjaak intussen een ‘éminence grise’ (Frans voor ‘grijze eminentie’) onder de molenaars. Anders gezegd, iemand die een rol van betekenis speelt en ook over visie beschikt. In die hoedanigheid spreekt hij waarschuwende woorden: ,,Twee zaken bedreigen op termijn het Zeeuwse molenbezit. Dat is het tekort aan subsidie en het gebrek aan opvolgers. Het laatste is vooral in de regio Zeeuws-Vlaanderen een schrijnend probleem.”

De molenaar van de Nooit Gedacht in Cadzand vindt dat de door het Rijk verstrekte onderhoudssubsidie te laag is. ,,Dertigduizend euro per zes jaar is onvoldoende. Voor goed onderhoud is per jaar gemiddeld 10.000 euro nodig. Voor kleinere molens minder, maar voor grotere, zoals de stellingmolens in Middelburg, nog meer. Die 10 mille per jaar kun je als een gemiddelde zien.” De in Sluis wonende molenaar heeft nog een goede raad voor alle vrijwilligers. ,,Veel kostbaar restauratiewerk is te voorkomen wanneer je als vrijwilligers de eigenaar van de molen voortdurend inlicht over gebreken die ontstaan. Je hebt als vrijwilliger zelf een grote verantwoordelijkheid voor het beheer van je molen. Het is niet zo maar een vrijblijvende hobby. Het blijft trouwens niet bij het melden van problemen met de molen. Zelfwerkzaamheid is ook een goede eigenschap. Wie zelf tijdig onderhoud tijdig pleegt kan veel ellende voor de langere termijn voor zijn. “

Molen Nooit Gedacht draait zonder zeilen. foto mei 2018Molen Nooit Gedacht draait zonder zeilen. foto mei 2018Loopbaan

Sjaak Herman in zijn molenSjaak Herman in zijn molen

Sjaak (Izaak Jannis) Herman kwam op 31 december 1937 in IJzendijke ter wereld als enig kind van het gezin. Zijn vader was daar bakker. Na de Tweede Wereldoorlog verhuisde de familie naar Breskens, waar Sjaak de lagere school doorliep. Omdat hij goed kon leren ging hij vervolgens naar de Rijks HBS in Oostburg. Hoewel hij die met succes doorliep zegt hij achteraf dat een MTS-opleiding beter was geweest, omdat zulks beter aan had gesloten op zijn interesses. Na zijn schooltijd ging Sjaak aan de slag bij Meubelfabriek du Fossé’ aan de Sint Annastraat in Sluis, waar hij vele jaren tot zijn genoegen werkte als bedrijfsleider. Daarna ging hij aan de slag als toen eerste en De Nooit Gedacht herbergt ook een museum aan molenvoorwerpenDe Nooit Gedacht herbergt ook een museum aan molenvoorwerpenenige werknemer van de Stichting Landschapsbeheer Zeeland (SLZ). Daar was hij betrokken bij het plannen, uitvoeren, begeleiden en nazorg verlenen van herstel van boerenerven in het buitengebied. Een kolfje naar zijn hand, want de zorg voor het milieu is naast het molenaarschap een andere passie van Sjaak. Hij beheert aan de Kanaalweg tussen Retranchement en Sluis ook zijn eigen 3,25 hectare metende natuurgebied ‘t Vienkenist, waar boomkikkers, orchideeën en vlinders welig tieren. Bovendien was hij 40 jaar actief bij Natuurbeschermingsvereniging ’t Duumpje in de regio West-Zeeuws-Vlaanderen (als vrijwilliger en bestuurslid). Aan het werk bij de SLZ kwam een eind aan toen hij op 59-jarige leeftijd gebruik kon maken van een VUT-regeling. Zodoende kreeg hij ook meer tijd voor zijn zorgbehoevende zieke echtgenote.

Streekeigene

Het binnentreden van de molenwereld gebeurde heel geleidelijk. Sjaak belandde als leerling op de molen van IJzendijke, waar Frans Weemaes toen de scepter zwaaide. ,,Hij was een goede leermeester, met heel veel oog voor het streekeigene.” Na zijn diplomering in oktober 1984 ging Sjaak zelf in IJzendijke als molenaar aan de slag. Daar kwam in 1984 ook nog eens de molen van Cadzand bij. Aanleiding was het verongelukken van molenaar Hans Soet in mei van dat jaar.

Geen vakantie

Toen Ton Koops na 20 jaar het stokje in IJzendijke overnam kon Sjaak zich volledig richten op de Nooit Gedacht. Hij is daar het hele jaar door op zondag te vinden en in de zomervakantie ook op woensdag. Op beide dagen is dat van 14.00-18.00 uur. Jaarlijks komen er ongeveer tweeduizend bezoekers over de vloer. Sjaak vindt het geen bezwaar om alle weken op de molen te zijn. Vakantie staat namelijk niet in zijn woordenboek. Waarom al die stress van het wachten op vliegvelden en de rompslomp bij thuiskomst als in eigen streek alles voorhanden is wat je hartje begeert? Dat hij zeer regelmatig op de molen aanwezig is heeft ook te maken met het malen. Hij heeft een flink aantal particuliere klanten en die moeten er zeker van kunnen zijn dat er altijd meel op voorraad is. Sjaak neemt tarwe af van Sjaak Brasser en dienst medemolenaars in Biggekerke.

Brand Wolphaartsdijk

De Hoop in WolphaartsdijkDe Hoop in WolphaartsdijkNadat op 1 oktober 1993 brand grote schade aanrichtte op het maalbedrijf van Ko de Visser gingen Sjaak en een stuk of tien andere molenaars naar Wolphaartsdijk om daar te helpen bij het opruimen van de ravage. Zo werd verbrande tarwe uit de silo’s geschept en roet verwijderd. Dat was een psychologische steun in de rug voor Ko, die niet lang daarna zijn bedrijf weer kon oppakken. De hulpactie was een volslagen verrassing voor de getroffen molenaar. ,,We zijn op de piere gestuukt”, vertelt Sjaak daarover. Dat is een mooie Zeeuws-Vlaamse manier om te zeggen dat je plotseling met de deur in huis valt. De Visser heeft de helpers later nog bedankt door ze een diner voor te zetten. Sjaak was het die de molenaar van Wolphaartsdijk in het zonnetje zette bij diens 90ste verjaardag. ,,Ik heb altijd diep respect gehad voor Ko vanwege diens inzicht en vindingen. Bovendien staat het voor mij als een paal boven water dat een vrijwilliger een stuk minder deskundig is dan een beroepsmolenaar.”

Buil

De molen van Cadzand is na de komst van Sjaak verrijkt met een buil, die hij zelf aantrof bij een maalinrichting in een boerenschuur. Sjaak heeft deze buil eigenhandig gerestaureerd. Vervolgens ging hij bij collega’s te rade om te vragen hoe je die aansluit op de molen en wat eigenlijk de gewenste snelheid is bij het builen (schudden van het tarwemeel waardoor de zemelen en gries eruit verdwijnen en je wit meel, oftewel bloem overhoudt). Dat zijn dingen die je niet leert bij de opleiding, maar waar je in de praktijk achter moet zien te komen.Sjaak Herman bij de builSjaak Herman bij de buil

Zeeuwse bloem

Op de golven van de groeiende populariteit van kookprogramma’s liftten ook de molenproducten mee. Dat geldt zeker voor de Zeeuwse bloem die een goede naam heeft. Volgens Sjaak is deze ook enigszins afwijkend, alhoewel alleen kenners dat kunnen zien. ,,Het gaat in principe om bloem van Zeeuwse tarwe, waarvan het eiwitgehalte niet te hoog is. Bij het builen hiervan blijven stukjes achter, waardoor de bloem niet helemaal zuiver is, maar wel bijzonder geschikt voor het bereiden van pizza’s en gebak.”

Het molenbezit is in Zeeuws-Vlaanderen, mede door de Slag om de Schelde, sterker verminderd dan elders in de provincie. Alleen in het westen staat er nog een aardig aantal. Vanaf de Nooit Gedacht zijn de wieken te ontwaren van de molens in Retranchement en Zuidzande.

Oude stalen roedeOude stalen roedeWind-wijsheden

De molenaar wijst op de grote verschillen in windkracht en –richting in de streek. ,,Het komt voor dat ik maal met harde wind uit het noorden, terwijl de wieken een eindje verderop in Zuidzande wind uit het zuiden opvangen. Dat komt door de invloed van de zeewind. Over wind heb ik hier trouwens niet te klagen. Het gebeurt hooguit één keer per jaar dat de molen stil staat door gebrek aan wind.”

Toekomst

En nu het toch over wind gaat, het motto van Vereniging De Zeeuwse Molen luidt: ,,Zo lang de winden waaien, zullen de Zeeuwse molens draaien.’” Daar is Sjaak Herman nog niet zo zeker van. Hij ziet ernaar uit dat er ooit een opvolger opdaagt voor zijn geliefde bergmolen. ,,Als ik niet meer kan, dan gaat het hier op slot. Dan is het gedaan en is alle moeite uiteindelijk voor niets geweest. Ik hoop van harte dat het niet zo ver komt en dat de Nooit Gedacht ook in de toekomst behouden blijft voor het nageslacht.”

Voor de volledigheid zij nog vermeld dat Sjaak ook vier jaar deel uitmaakte van het bestuur van Vereniging de Zeeuwse Molen. Het 35-jarig jubileum van die vereniging is in 2019 een mooie aanleiding om hem als een van de bakens van het Zeeuwse molenbehoud in het zonnetje te zetten.

Klik hier om een reactie te plaatsen