headerbanner

Kunnen molens nog mooier liggen? Dat vraag je je af bij het naderen van de Kilsdonkse molens. Ze pronken in het open landschap bij het gehucht Kilsdonk, ten oosten van het tweelingdorp Heeswijk-Dinther.

Gezicht op de Kilsdonkse molensGezicht op de Kilsdonkse molensInterieur oliemolenInterieur oliemolen

Het bijzondere van deze molens is de combinatie van een wind- en een watermolen. Extra apart is dat die windmolen er een is van het type watervluchtmolen. Zo’n werktuig beschikt zowel over een wiekenkruis als een molenrad. Daarvan bestaat er in Nederland nog maar één. In Hüven, in de Duitse deelstaat Nedersaksen, staat ook een watervluchtmolen, maar daar ligt geen watermolen naast. De Kilsdonkse molens zijn daardoor 
uniek in de wereld.

De watervluchtmolen is tijdens het bezoek van Staatspareltjes op een mooie junidag volledig opgezeild. Geen wonder, het is zonnig weer, maar wind hó maar! Met moeite wordt het wiekenkruis aan de gang gehouden. Beneden draaien de raderen van beide molens in het riviertje. De stand in de Aa is echter zo hoog, dat er niet met de fluisterboot kan worden gevaren. Die brengt bezoekers normaliter vanaf de molen naar het drie kilometer verder gelegen fameuze Kasteel Heeswijk en weer terug. Een extra Gekoppelde raderen van de Kilsdonkse molensGekoppelde raderen van de Kilsdonkse molensattractie bij dit monumentencomplex, maar vandaag zit dat er dus niet in.

Intussen zijn vrijwilligers in de oliemolen binnen druk bezig met olie slaan. Rechts draaien de stenen van de kollergang rond. Een kollergang beslaat uit twee verticaal draaiende molenstenen. Ze draaien hun rondjes op een ligger, een horizontaal liggende steen. Deze ligger is aangebracht op een fundament, dat het doodbed wordt genoemd. Met de kollergang wordt het zaad fijngewreven.

Martin Merkx bij het kruiwerk, de benaming van op windkracht werkende hijsinstallaties in molens Martin Merkx bij het kruiwerk, de benaming van op windkracht werkende hijsinstallaties in molens Het olie slaan is een heel ingewikkeld proces. Nadat het zaad met de kollergang is fijngewreven tot een papachtig goedje, wordt dat verwarmd op een soort kacheltje: het vuister. Vanaf het vuister loopt dit ‘meel’ in twee ‘builen’. Is dat gebeurd dan worden beide builen vervolgens in ‘haren’ gestopt. Een haar is in dit geval een van paardenhaar gemaakt omhulsel. Deze haren worden op het ’slagblok’ platgeslagen tot koeken. Die worden vervolgens weer gebroken, waarna er nog diverse bewerkingen volgen Het kettingkruiwerk van de windmolenHet kettingkruiwerk van de windmolenalvorens het eindproduct gereed is. Klik hier voor meer uitleg productieproces.  In Kilsdonk wordt er in de oliemolen lijn- en walnotenolie geproduceerd. Klik hier voor toepassingen walnotenolie

Tijdens mijn bezoek is het druk op de molen. In de oliemolen krijgt het ‘pletten’ van de oliekoeken op het slagblok de meeste aandacht. Bij iedere klap van het ‘heiwerk’ maken de aanwezige kinderen een sprong, zodat het meteen een oefening is in ritmische gymnastiek.

Voor het productieproces heb je meerdere mensen nodig, maar dat is bij dit complex geen probleem. Een legertje liefhebbers helpt dit complex gaande te houden. Onder hen zijn enkele gediplomeerde molenaars, onder wie Martin Merkx. Hij leidt mij rond in de watervluchtmolen. Die is niet alleen bijzonder vanwege de combinatie van water- en windmolen.

Er zijn nog meer afwijkingen met de doorsnee windmolen. Wat meteen opvalt is het kruiwerk, oftewel het mechanisme waarmee je de kap en de wieken van een molen naar de juiste windrichting kruit. De windmolen van de Kilsdonkse molens is een stellingmolen. Die noem je zo omdat halverwege een stelling is aangebracht, ook wel balie of omloop genoemd, waar je op kunt lopen. Die stelling is dan bedoeld om het kruiwerk te bedienen.

Zie je op stellingmolens altijd een kruiwerk dat bestaan uit grote latten (spruiten), een staart en een kruirad, in Beugt zie je een rad achter de kap hangen. Daaraan hangt een ketting, met behulp waarvan je de molen in de juiste richting kunt kruien. Dit wordt een kettingkruiwerk genoemd. Je ziet het verder nergens in Nederland.

Heel bijzonder is dat de raderen van de wind- en de watermolen samen op kunnen draaien in hetzelfde tempo. Dat kan ook wanneer de wieken draaien. In de watervluchtmolen zit ook een koppelingsmechanisme. De molenaars kunnen naar believen op wind- of waterkracht of op beide malen. 

Parende groene glazenmakers in het riet bij de Kilsdonkse molensParende groene glazenmakers in het riet bij de Kilsdonkse molens

Geschiedenis

Stellingdeur windmolenStellingdeur windmolenDat dit molencomplex nog bestaat is een wonder te noemen wanneer je even stil staat bij de geschiedenis van de Kilsdonkse molens. Het ging oorspronkelijk om twee watermolens. Al in de 15e eeuw veroorzaakten deze problemen. Dat kwam zo. Watermolens hebben water nodig om te kunnen draaien. In het najaar heb je veel meer water dan in het zomerseizoen. Dus wordt het water opgespaard, soms in een molenwater, maar je kunt ook de doorvoer van de beek of rivier waaraan een molen ligt afsluiten. Model van de oliemolenModel van de oliemolen‘Opstuwen’ noem je dat.

Het opstuwen van het water was aanleiding tot de conflicten. De molens lagen nog net op het grondgebied van de toenmalige gemeente Dinther, maar het water wordt aangevoerd door het deel van de Aa dat over het grondgebied van de gemeente Veghel-Erp loopt. Net als elders veroorzaakte het opstuwen overlast. Immers hoe hoger de waterstand, hoe natter de grond in de gebieden daarachter. Om dit te bestrijden mocht er alleen nog van oktober tot en met maart worden gemalen. Dit betekende dat de watermolens gedurende een groot deel van het jaar stil kwamen te liggen.

Daarop werd op innovatieve wijze een oplossing bedacht. In 1813 werd de oostelijke molen afgebroken om plaats te maken voor een houten stellingmolen. De molenaar kon met deze molen op windkracht malen, wanneer de watermolen niet mocht werken. De molen brandde in 1842 af, waarna de huidige stenen watervluchtmolen werd gebouwd. Deze was bestemd voor het malen van graan. De andere molen werd als oliemolen gebruikt, hetgeen nu opnieuw het geval is. 

Conflicten

De restanten van het molencomplex eer het herstel een aanvang namDe restanten van het molencomplex eer het herstel een aanvang namIntussen bleven de conflicten over de waterbeheersing aanhouden. Volgens molenaar Merkx is het aantal zaken hierover bij de arrondis-
sementsrechtbank in ’s Hertogenbosch schier ontelbaar. Rond 1880 was de gemeente Veghel-Erp de waterproblemen zo beu dat de waterrechten werden afgekocht. De sluiswerken werden gesloopt, zodat de watermolen niet meer kon werken. In 1882 werd het binnenwerk gesloopt.

Met de andere molen is nog op windkracht Verkoop producten in bezoekerscentrum Kilsdonkse molensVerkoop producten in bezoekerscentrum Kilsdonkse molensgewerkt tot 1939. Daarna is er alleen nog enkele jaren gemalen met behulp van een motor. Vervolgens trad ernstig verval in, hetgeen in 1954 resulteerde in het verwijderen van kap, wieken en stelling. In de jaren daarna is ook nog een deel van het muurwerk afgebroken.

Aan het eind van de 20e eeuw ontstonden plannen om het geruïneerde molencomplex in oude luister te herstellen. Prins Friso (beschermheer van Vereniging De Hollandse Molen) verrichtte 8 mei 2009 de officiële opening. Hij deed dat samen met Joost Jansen, pastoor van de H. Willibrordusparochie in Heeswijk. In 2013 is het tijdelijke bezoekerscentrum vervangen door een permanente voorziening. Dat is ook voorzien van een restaurant met terras. Binnen worden diverse molenproducten verkocht.

Klik hier voor meer informatie over Stichting De Kilsdonkse Molen

Wie echt alles wil weten over de geschiedenis van dit unieke complex moet hier klikken.

Openingstijden: van 1 april tot en met 31 oktober dagelijks behalve ’s maandags van 10.00 tot 17.00 uur. Van 1 november tot en met 31 maart alleen op ’s zaterdags en ’s zondags, eveneens van 10.00 tot 17.00 uur.  

Interieurbeelden van het voor bezoekers opengestelde Kasteel Heeswijk. Interieurbeelden van het voor bezoekers opengestelde Kasteel Heeswijk.