headerbanner

Het is stralend weer wanneer mijn vrouw en ik op zondag 25 augustus 2002 na een goed ontbijt in Hotel de Twee Linden in Beneden-Leeuwen op de fiets stappen. Ons doel is de Hervormde Kerk bij het Grote Wiel in buurdorp Boven-Leeuwen. Het bedehuis pronkt in de zon onderaan de Waalbandijk.

Rond 65 mensen vullen het bekoorlijke kerkje. Het in 1753-1756 gebouwde bedehuis is achthoekig. Deze vorm was in die tijd onder protestanten populair omdat de preekstoel altijd zo staat dat je er vanuit alle hoeken op kijkt. En de Reformatie stelde immers het Woord centraal. Deze centraal bouw betekende wel een breuk met de traditionele driedeling toren-schip-koor.

Maar dit terzijde. Vandaag gaat het over vrees en vertrouwen. Dominee Kees Wijnberg zal hierover bezielend spreken. Hij is behalve predikant ook geestelijk verzorger in een instelling voor verstandelijk beperkte mensen en in de Pompekliniek voor TBS-gestelden.

Bij aanvang zingen we uit volle borst het Kyrië ‘God Wanneer?’ op de wijs van Midden in de winternacht. Daarna volgen de verzen 1 en 2 van Psalm 84. In het tweede komt de volgende regels voor: ,,De mus, de zwaluw vindt een woning. Haar jongen zijn in veiligheid”.

De predikant vertelt daarna voor de kinderen over de mussen Tsjilp en Tjip. Die nestelden bij het altaar, maar worden uiteindelijk voor een stuiver verkocht. Tsjilp hoopt dat iemand hem opvangt na de dood die hem vrees inboezemt. Welnu, dat blijkt Jezus te doen. Hij heeft weet van de mussen en vangt ze op zoals de adelaar zijn jongen bij hun eerste vlucht.

Dominee Wijnberg werkt de noties uit dit kinderverhaal uit in zijn preek. Waarom zitten criminelen vast en wij (de mensen in de kerk) niet? Veel misdaad komt voort uit vrees. Vrees voor het onbekende, vrees om bestraft en vrees om niet erkend te worden. Dat zijn verschijnselen waar alle mensen aan lijden. Het gaat er maar om dat de mens zich kan overgeven aan Gods reddende genade. Net zoals de jongen van de adelaar zich in de vleugels van hun ouders laten vallen.

Een leerzame preek op een dag waarop mussen vanwege de warmte mogelijk ook van het dak zijn gevallen.